De genezing van hyperventilatie staat, ondanks alle hierover aanwezige kennis, nog in haar kinderschoenen. De optredende klachten kunnen weliswaar behandeld worden, maar de ontregeling van het ademcentrum blijft. Het teveel ademhalen is door het anders ingestelde ademcentrum een automatisme geworden. In veel gevallen richt de behandeling zich uitsluitend op symptoombestrijding.
Vaak worden kalmeringsmiddelen voorgeschreven. Dit betreft gewoonlijk anxiolytica uit de benzodiazepinegroep. Het succes is wisselend en uiteindelijk vaak onvoldoende. Toch kunnen ze tijdelijk voor een belangrijke verlichting zorgen. Risico van het nemen van dergelijke medicijnen is afhankelijkheid of verslaving.
Ook worden antidepressiva veel voorgeschreven die net zo functioneel kunnen zijn als kalmeringsmiddelen. Ze doorbreken de psychische sleur van de patiënt waardoor een opening naar lichamelijk herstel ontstaat.
In de praktijk blijkt het veranderen van verkeerde ademgewoonten en het herinstellen van het ademhalingscentrum een veel effectiever therapeutische benadering te zijn dan het voorschrijven van medicijnen (zie Therapie)